ELSA Leiden
Dutch Dutch

ELSA Blog mei 2022

De toekomst van de brievenbusfirma

Sebastian Cornielje

 

Gedurende de veertig jaren dat haar vader zitting had als president van Angola, heeft Isabel dos Santos miljarden verdiend in het bedrijfsleven, te kennen een aantal van de grootste bedrijven in Portugal en Angola. Binnen de bedrijven waar ze een aanzienlijk stemrecht in heeft, zijn in Nederland geregistreerde brievenbusfirma’s gebruikt om geld door te sluizen en wit te wassen. Nu De Nederlandsche Bank (DNB) het toezicht op brievenbusfirma’s heeft vergroot, alsook op financiële dienstverleners, zien we een toename aan wanpraktijken zoals corruptie in Angola en de financiële sector, met name op het gebied van brievenbusfirma’s en het gebruik daarvan. Door deze toename is de vraag wat de toekomst van de brievenbusfirma zal zijn van aanzienlijk belang, in dit artikel zal hier verder op worden ingegaan.

Dos Santos is als veertigjarige vrouw met een miljardenvermogen een van de rijkste Angolese burgers en de enige vrouwelijk miljardair van het land, zo ook de jongste miljardair van heel Afrika. Ze heeft stelselmatig aandelen verworven in strategische Angolese industrieën door de jaren heen, het bankwezen, cement, diamanten en telecommunicatie zijn daarvan de voorlopers. Hierdoor is ze niet enkel rijk, maar ook enorm machtig in haar moederland, de helft van haar vermogen is echter belegd in Portugese bedrijven, Angola was namelijk een kolonie van Portugal tot 1975 en heeft nog steeds sterke banden met het land. Deze helft van haar vermogen maakt haar buiten Angola wat meer legitiem.

Helaas is haar verhaal niet anders dan dat van andere rijken in landen met grondstoffen als grootste inkomstenbron, haar vermogen is namelijk opgebouwd door deel te nemen in Westerse bedrijven die makkelijk geld wilde verdienen in een ontwikkelingsland, zo ook door middel van de adviezen van een machtig familielid, in dit geval haar vader. Door de Luanda papers en ernstig artikel daaromtrent gepubliceerd door Forbes in 2013 is de Dos Santos familie onder veel druk komen te staan de afgelopen jaren. Dit resulteerde er onder andere in dat de hoogste openbaar aanklager van Angola meer dan een miljard in goederen van Dos Santos en haar man in beslag heeft genomen op grond van niet betaalde schulden aan Angolese staatsbedrijven. Ook haar halfbroer is in hechtenis genomen door mogelijke betrokkenheid bij verduistering van staatsfondsen. De Portugese overheid is eveneens begonnen met een onderzoek bij de Eurobic bank, waar Dos Santos een grote aandeelhouder van is. Tijdens de aanklacht jegens Dos Santos zijn de bedrijven waar ze grootaandeelhouder van is uit tal van brievenbusfirma’s en andere dubieuze bedrijven weggegaan.

De afgelopen jaren heeft deze trend zich voortgezet als we kijken naar de aanklachten en het onderzoek in bijvoorbeeld het Nederlandse bankwezen, te denken valt aan de meest recente grote gevallen bij ING en ABN AMRO, maar ook bij andere sectoren zoals bij de verzekeringsmaatschappij Atradius en de grote accountancy bedrijven. Sinds de wetgeving en het toezicht is aangescherpt bij de zogenoemde Corporate Service Providers (CSP), alsook de brievenbusfirma’s, hebben een aanzienlijk deel hun praktijken gestopt, gestaakt of zijn zich elders gaan vestigen. Een groeiende deel van de firma’s is nu overgestapt naar een alternatief dat ze nog steeds in staat stelt om van de geneugten van ons fiscale stelsel te genieten, de flexkantoren. Aangezien de flexkantoren nog niet een doelwit zijn voor DNB of AFM, zijn dit de ideale oplossingen voor CSP’s en de firma’s om hun praktijken voort te zetten, meestal dichtbij Schiphol en met maar een enkele aangewezen directeur.

Hoewel de meeste wetgeving betreffende brievenbusfirma’s en CSP’s geharmoniseerd zijn tussen landen op een globale schaal, zijn flexkantoren nog steeds erg jong en een nieuw concept dat niet onder druk is komen te staan van de autoriteiten, althans, nog niet. Het is een kwestie van tijd tot de overheid zijn vizier heeft verplaatst op deze nieuwe sector, maar tot die tijd lijkt het er op dat dubieuze praktijken binnen het bedrijfsleven niet hoeven te stoppen.